mugmetdegoudentand
 
 
mugmetdegoudentand actueel projecten | werkwijze | mugweb | te koop | reacties | links | contact
niks

In memoriam
Ton Schippers

Het doek is gevallen voor Ton Schippers
Theaterman pur sang


uit de TM van februari 2005

door Ben Hurkmans

Op 21 december van het afgelopen jaar overleed Ton Schippers (1948) aan de gevolgen van een zwaar hartinfarct. Ruim vierhonderd vrienden en collega’s namen op 27 december in het Nieuwe de la Mar theater afscheid van hem tijdens de indrukwekkende bijeenkomst ‘Het doek valt’, voorafgaand aan de crematie in besloten kring. Er werd gezongen door Ricky Koole, Annet Malherbe en Loes Luca en Orkater speelde de muziek Der Ganz um sonst uit de productie Zie de mannen vallen.
Het onderstaande is een verkorte versie van de tekst die Ben Hurkmans tijdens het afscheid uitsprak.


Ruim een maand geleden haalden we samen, door hem aangestoken, nog een schelmenstreek uit. Want Ton was een schelm. Wie hem in de ogen keek, wist dat. Pretogen! Het was bij gelegenheid van de laatste mogelijkheid van Philip Morris om een prijs niet eens uit te reiken maar te vieren, in het Cobra Museum, in zijn eigen Amstelveen dus, en daaraan openlijk zijn naam als fabrikant te verbinden. De burgervader was er, omhangen met ketenen, en er waren nogal wat hotemetoten uit de cultuur. Een half jaar geleden had Ton mij voorgesteld iets te doen bij deze gelegenheid: de laatste kans, vond hij, om namens het kunstenveld publiekelijk dank te betuigen aan deze mecenas. Niemand anders dan Ton had zoiets kunnen bedenken, en ik was het onmiddellijk met hem eens. We hebben een act voor twee heren opgevoerd - beiden (ketting)rokend, althans dat was de bedoeling, maar het Cobra Museum is natuurlijk ook allang rookvrij. We hebben er hoe dan ook als kleine jongetjes van genoten, van deze improvisatie.

De laatste tijd had ik weer intensiever contact met Ton. Na zo’n achttien jaar was de band verbroken met Orkater. Voor dat gezelschap had hij zich in de aanloop naar de vorige cultuurnotaperiode het vuur uit de sloffen gelopen. Hij had daarbij zijn zwakke gezondheid volledig uit het oog verloren: Ton was een sterke geest in een lichaam dat hem wel vaker in de steek liet. Dat weerhield hem er nooit van, zeker niet in die tijd, fysiek tot het uiterste te gaan. Het gevolg was een zware burn-out. Ton klom er langzaam maar zeker uit en moest toen vaststellen dat zijn plek, niet in de harten van zijn collega’s maar wel in het werk, was ingenomen door anderen. Dat was een  hard gelag voor Ton. We hebben er veel over gepraat en nooit was er bij hem het geringste spoor van rancune. Ik heb Ton trouwens nooit kwaad horen spreken, over niemand, daar was hij eenvoudig niet toe in staat. Hij wilde voort, het leven had nog van alles in petto.

Maffia
Hij nodigde mijn vrouw en mij anderhalf jaar geleden uit mee te gaan met de bus naar Parijs. Naar een voorstelling - in het Frans - van The prefab four. Schoolreisjesgevoel onderweg en in Parijs maar niet kunnen besluiten dat de lange dag na de prachtige voorstelling om was; niet kunnen stoppen. Het was heel geanimeerd en het werd heel laat. En dan, voor mijn gevoel behoorlijk vroeg in de ochtend, als ik in onze straat een terrasje heb ontdekt met café au lait en een krantje, komt Ton doodleuk aanlopen en heeft dan al een lange verkwikkende ochtendwandeling achter de kiezen - en ja, hij had inmiddels ook wel trek in een koffie met een sigaretje! Hij was niet sterk en onvermoeibaar tegelijk.
Die hele trip voelde ik de weemoed bij Ton over wat nooit meer terug zou komen: deel zijn van de Orkaterfamilie. Althans niet op de manier waarop hij dat gewoon was: in het werk. Maar hij heeft over dit alles met geen woord gerept! Tot de grote extended family van hettheater behoorde Ton natuurlijk wel. Ik besef eens te meer dat die grote familie een soort maffia is - geweldloos en opererend in een ietwat andere bedrijfstak, maar verder in alles maffia. Wat mij betreft laten we dat zo, heel transparant vanzelfsprekend.

Helpende hand
Ton begon zijn eigen onderneming. Naast het zakelijk leiderschap van Mug met de gouden tand, het gezelschap waarvan hij bestuurder was in de tijd dat hij strijd voerde voor Orkater, had hij ruimte voor nog wat klussen. Zo heeft hij in het afgelopen jaar bij het Fonds (Fonds voor Amateurkunst en Podiumkunsten, red.) een aantal medewerkers gecoacht - en heb ikzelf dankbaar gebruik gemaakt van zijn enorme deskundigheid bij het opstellen van het beleidsplan. Daarnaast heeft hij, weet ik, met veel plezier voor het eerst lesgegeven en wel aan de Theaterschool in Amsterdam. Ook dat smaakte naar meer. Hij was vaak in gesprek met jonge theatermakers, binnen de VNT maar ook daarbuiten. Gaf ze raad, stak een helpende hand uit, reikte ze het juiste gereedschap aan om hun plannen te realiseren. Die plannen konden hem niet gek en ambitieus genoeg zijn: Ton bedacht er de organisatie bij en het benodigde geld - en scherpte onderwijl het plan ook inhoudelijk nog wat aan. Ik weet zeker dat hij in zijn enthousiasme vaak de tijd vergat en urenlang kon praten met wie overliep van ideeën en talent.

Van ‘jonge theatermakers’ wist Ton alles. Als aparte categorie, met een hoge prioriteit, bestaat die nog geen dertig jaar in het Nederlandse theaterbestel. Je kunt gerust stellen dat Ton de ‘jonge theatermaker’ mede in het leven heeft geroepen, als zakelijk leider van Fact. Die zeven jaren tussen 1977 en 1984 dat wij samen dit jonge regisseursproject hebben geleid, is voor ons beiden een unieke leerschool in het theater en in het leven geweest. We waren elkaars ‘geweten’ zoals dat nu wat zwaarwichtig heet: Ton de organisatie en het geld, ik de inhoud. Waarbij we allebei dondersgoed wisten dat dat twee kanten van dezelfde medaille zijn. Ik had meteen al een onwrikbaar vertrouwen in Ton, want hoewel maar een jaar ouder, leek hij mij al gepokt en gemazeld in het vak. Vooral als het om geld ging. Hij liet zich in die tijd wel eens ontvallen dat hij zich het werk bij Fact alleen kon permitteren omdat hij het echte geld verdiende met zijn aandeel in een aantal gokautomatenhallen. Ik vond dat indrukwekkend. Een schelm, die Ton. Met een feilloos kompas om het juiste te doen, in welke wereld hij ook verkeerde. En hij heeft er in vele verkeerd. Het juiste doen was in zijn geval trouwens niet hetzelfde als het meest profijtelijke - ik geloof dat hij uiteindelijk geen cent wijzer is geworden van die gokautomaten. En daar kon hij hartelijk om lachen. Dat Fact, zoals is gebleken, van een idee een instituut werd en pas na 25 jaar ophield te bestaan is volledig op het conto van Ton bij te schrijven.

Stevige boeien
Ton was een echte vakman. Een die begreep dat het vak, behalve uit wat ouderwets goed gereedschap, niet echt bestaat. Het vak van theaterproducent of toneelleider is hooguit, om Remco Campert te parafraseren, ‘op z’n hondjes zwemmen in de oceaan en je daar gelukkig bij voelen’. Ik weet zeker dat Ton vanuit die houding en dat besef heeft gewerkt en vaak gelukkig is geweest om wat hij tot stand wist te brengen. Daarom was hij zijn wijze, altijd beminnelijke onvervangbare zelf. En dat hij in zijn werk een oceaan om zich heen kon hebben, was zeker ook omdat hij thuis stevige boeien had.

Ton heeft als het ware de weg afgelegd van het Piccolotheater naar het Nieuwe de la Mar. Het niet meer bestaande Piccolotheater, waar alle Fact-voorstellingen in première gingen en waar het doek niet opging omdat we het net in onze onbezonnenheid hadden afgeschaft, naar het Nieuwe de la Mar waar het doek nog ouderwets opgaat en ook valt. Die weg is voor Ton soms zwaar maar vooral toch heel mooi geweest. Alleen veel en veel te kort. Niet dát het doek is gevallen, maardat het dááraan de Marnixstraat  is gevallen - dat is volkomen in zijn geest.

Ton Schippers heeft een onuitwisbaar spoor getrokken in het Nederlands theater, een spoor van prachtige voorstellingen en films. Hij was vooral ook een liefdevolle man voor Helen en een geweldige vader voor zijn kinderen Sunny, Sabrina en Scippio. Dat bleek uit hun hartverscheurende afscheid van hem op 27 december.

Hij was een vriend om nooit te vergeten.

 

in memoriam Ton Schippers  pijltje naar boven 
rouwkaart-Ton

 

in memoriam Ton Schippers  pijltje naar boven 
rouwkaart-Ton
 

woensdag 22 december 2004

Theaterleider Ton Schippers overleden

Door onze kunstredactie.
Ton Schippers, zakelijk leider van theatergroep Mugmetdegoudentand, is gisteren in Amsterdam op 56-jarige leeftijd overleden aan de complicaties na een hartaanval. Schippers was vijftien jaar directeur van muziektheatergezelschap Orkater, naast Marc van Warmerdam.
Als mede-eigenaar van Graniet Film was hij co-producent van de films van Alex van Warmerdam, onder meer De Jurk en Kleine Teun.
Ook was hij mede-oprichter van Het Ketelhuis, de Amsterdamse bioscoop voor de Nederlandse film.
Schippers (Doetinchem, 1948) werkte vanaf 1967 in de vrije sector van het theater. In 1977 werd hij productieleider van de Stichting Toneelraad Rotterdam, tot hij in 1988 bij Orkater kwam. In 2000 wist hij door een intensieve lobby in Den Haag Orkater van de ondergang te redden. Hij schreef de politieke carnavalskraker Ricky geef me nog een likkie tegen toenmalige staatssecretaris Rick van der Ploeg (Cultuur). Begin 2001 kreeg hij een burn-out, waaruit hij een jaar geleden hersteld was. Sindsdien werkte hij bij Mugmetdegoudentand en was hij freelance consultant.

uit de NRC, 22 december 2004

 

   pijltje naar boven