| |
|
| (English summary) |
|
| mugmetdegoudentand actueel | projecten | werkwijze | mugweb | te koop | reacties | links | contact |
zondag 13 november 2005fotografie: X + L tekst: Yolanda Entius GEEN MENING ‘Waar gaat het over?’ vraagt mijn geliefde als ik halfdronken thuiskom. Ik ben bij de eerste Mug Inn geweest. Ik heb bekenden gezien, oude en nieuwe, voor me in de zaal, en naast me op de houten tribune. Ik heb gekeken, geluisterd, wijn gedronken en ben vroeg in de avond huiswaarts gegaan. ‘Over meningen hebben,’ zeg ik, ‘en dat iedereen er altijd eentje heeft, over de tijdgeest en zalen die vol moeten met publiek dat mag stemmen en cijfers geven en bepalen wat er op het toneel gebeurt, en over de noodzaak van twijfel en de zekerheid dat je die twijfel er desnoods met geweld bij je kinderen in moet rammen. Over rammen, en of je hand in hand in de Leidsestraat kan lopen. Over Sissy die een banaan wil plukken van de hoogste boom, over de vanzelfsprekende aanwezigheid van homo’s als lakmoesproef voor een geëmancipeerde samenleving. Over een dame met amandelogen en een doekje om haar hoofd die op een dame met een halsband valt. Over homo’s en kinderen en of ze ook mogen of toch maar liever niet. Over kinderen die al beroemd zijn voor ze zijn geboren, over kinderen die beroemd zijn omdat ze zijn verdwenen. Over een rode Volvo op een parkeerplaats in Duitsland, en de kleine Paula Kas (vermomd als Joans dwergje) en haar familie die echt bestaat en op de vlucht is (en dat ik dat niet wist, dat het echt was, en dat roem dus maar betrekkelijk is) en over Marcel en Joan, Michiel en Frank, die acteurs zijn, maar ook schrijver of documentaire maker, of a, b, c, en d, of pinguïn en lid van het artistieke team, en zichzelf, of doen alsof ze dat zijn, zichzelf, maar dan vermomd als meisje, of als Demis Roussos, en dat ze kinderen willen, of doen alsof, en kinderen hebben, of doen alsof, en motieven hebben, valse en echte, en ruzies en vragen, en meningen, waar Bas Heijne stellingen uit destilleert die later aan ons worden voorgelegd. Hij is het geweten van de Mug, zeggen ze, en hij zal proberen de voorstelling te duiden. Zíj zitten aan de bar, die omgekeerd in de zaal staat, alsof zij te gast zijn bij ons, het publiek, dat uit oude en nieuwe bekenden bestaat. Wie gunt nou wie een kijkje in de keuken? Wij mogen onze mening geven, waarmee zíj dan wat gaan doen. ‘De zalen moeten vol.’ Ze willen weten wat er leeft. Ik moet denken aan Wouter Bos die zegt ‘zijn lesje wel geleerd te hebben’, wat erop duidt dat hij gaat luisteren naar de man in de straat en gaat zeggen wat die man in de straat wil horen, voor een ander het zegt en er met de stemmen vandoor gaat. ‘Ik weet wat de mensen van me willen horen,’ zegt ook kleuter Joscelyn Savanna op tv als Hanneke Groenteman haar vraagt of het niet moeilijk is een boek te schrijven. We zien haar niet, we horen haar, want ook de televisie staat met de rug naar ons toe. Ik moet de beelden er zelf bij verzinnen. Het is mijn voorstelling. ‘Was het goed?’ Mijn vriend vraagt nu naar mijn mening. ‘Weet ik niet,’ zeg ik, ‘zo heb ik niet gekeken.’ En dat is ook zo. Ik heb afgesproken om de middag te verslaan, niet om hem te beoordelen. ‘Maar hoe was het dan?’ En dan realiseer ik me dat ik een hele aangename middag had, juist omdat ik zonder oordeel heb gekeken. ‘Plezierig en rustig,’ zeg ik, ‘een typische zondagmiddag.’ En ik beschrijf een scène van die middag. Joan staat linksvoor in een decor van klatergoud op. Het is de plek waar je alleen staat, waar je doet wat je kan en wat je wilt, om dan beoordeeld te worden, geroemd, verguisd, bespot. Ze houdt een pleidooi voor rust. ‘De zevende dag,’ zegt ze, ‘de zondag, was een rustdag. Die dag werd heilig verklaard. Omdat rust heil brengt. Op die dag sta je in het volle leven, het is een dag van reflectie, en voelen waar het over gaat. ‘Daar gaat het over,’ zeg ik. Yolanda Entius |
|
|
|
|