mugmetdegoudentand
(about the company, Arbeitsweise)  
 
mugmetdegoudentand actueel projecten | werkwijze | mugweb | te koop | reacties | contact
niks


De Spion

door Ruth Verraes

Op een wit schilderij staat een wit kruis en ervoor staat een vrouw met een blauwe zeemansjas en glimmende schoenen. Enkele meters achter haar de vermoedelijke echtgenoot. Een kalende man die ook de muren zonder schilderij grondig bekijkt. Voor het beeldje van Philip Eglin kruist hij een jongere man met stevige blonde krullen en een tweed jasje. Het beeldje fascineert me. Het stelt de maagd Maria voor met dode Christus op haar schoot. Ze is van blauw keramiek, draagt obscene tekeningen van konijnen, naaktmodellen en twee foto’s die teruggaan over het schandaal met Hugh Grant. Vooral haar rode schoenen intrigeren me. Maar de krullenbol loopt er zo langs en blijft bij een werk van Marlène Dumas wat langer staan. Verder een oudere man met een vastgelijmde glimlach die daarnet even naast me stond, een jong stel wiens handen verstrengeld zijn, een pennende student met een lage heupbroek voor een schilderijtje van Kees van Dongen achter mij en een suppoost die me de laatste tijd steeds nieuwsgieriger aankijkt. Ikzelf sta voor een Karel Appel van formaat waarop twee kunstfilosofen als lachende kinderen. Ik lijk zijn enige publiek op dit moment.

Naast een werk van Oscar Kokoschka zitten twee gaatjes, de krassen op de grond beschrijven cirkels, de dikke vierkanten pijpen onder het plafond lijken op die uit Mission Impossible. Ik ben een lopende catalogus met gratis anecdotes en hoef de schilderijen niet meer te bekijken. Maar er wacht me een andere taak. Nooit ga ik onvoorbereid aan de slag. Van elke bezoeker bestudeer ik hun choreografie, kijk ik hoezeer ze azen op een vrij schilderij, luister ik naar hun kritische muziek en let ik, zoals ik het noem, op hun beleefdheidsruimte. Het is de afstand die elke toeschouwer t.o.v de ander bewaart. De stilte die ze met elkaar delen en van elkaar respecteren. Ik zie het vanuit mijn ooghoeken, via de reflectie van schilderijen achter glas, of om de hoek. Via deze informatie stippel ik mijn route uit.

Op de derde verdieping bepaalt 20/20 vision tijdelijk de blik van de toeschouwer. Het postgebouw is daar omgetoverd tot tentoonstellingsruimte. De weinige ramen aan de zijkant van het gebouw waren verre van voldoende. Maar door de extra ruimtes voor video projecties en de vele noodzakelijke witte wanden, werden de weinige ramen ook nog eens weggetimmerd. Overal dus witte wanden en veel, heel veel kunstlicht en frustraties. Ze waren een bron aan inspiratie voor Germaine Kruip, één van de acht exposerende kunstenaars. In één van de muren graafde zij naar het daglicht. Zo maakte zij een venstergat waarin ze een rij draaiende spiegels plaatste. In dit unieke raam op de derde verdieping, vindt daglicht een weg naar binnen en de blik van de bezoeker een weg naar buiten. Het bijzondere is dat de kijker er ook zijn weerspiegeling ziet.
Maar de blik van de toeschouwer is deze van Narcissus. Door de beweging van de spiegels maakt hun reflectie plaats voor dat van een landschap. Het is geen schilderij dat zich in dat raamkozijn bevindt, maar een wereld buiten het museum. En net groeit het verlangen naar het stukje echt, of de spiegels duwen het landschap de ruimte in tot zij weer plaats maakt voor de reflectie van de toeschouwer. Het enige bewijs voor hun ervaring is deze van de herinnering, een foto in hun geheugen. Een bezoeker mompelt: ‘Ik zag een landschap’, zijn vrouw corrigeert en wijst naar de draaiende spiegels, en zegt: 'dat zie je nog steeds. '

Ik zeg: ‘I’m thinking of something’. De jonge man met blonde krullen zet een stap dichterbij en spitst de oren. Hij zoekt de plaats op het schilderij waar ik naar kijk. Ik vervolg: ‘In fact I’m thinking of something else’. Een kort lachje van de man, een afwachtende blik. Ik frons de wenkbrauwen en zeg: ‘You can only think about something, if you think of something else’. Dan zet ik een kleine stap en zoek een passend voorbeeld: ‘For example, I see a landscape that is new to me, but it’s only new to me because,’ en dan rond ik het voorbeeld af met: ‘because I compare it with another landscape, an older one, one that I knew.’ En terwijl de bezoeker nog nadenkt over wat ik vertel, en twijfelt of ik nu een antwoord van hem verwacht, ben ik alweer verdiept in de vele lagen van het volgende schilderij. Een enkele keer achtervolgt een vrouw me om te vragen of ik een deel van een kunstwerk ben, of dit een performance was. Maar ik kijk enkel verbaasd en mompel, ‘I was just thinking of something’.

Althans, dit is één scenario. In realiteit ben ik nieuwsgierig naar wat de woorden met hen doen. En dan gebeuren de wonderlijkste dingen. De stille bezoekers, eerst nog schuw voor het vreemde contact, ontvangen me met open armen. Wat zo net door het hoofd schoot en schijnbaar privé was, had een luisteraar nodig, iemand om samen mee op onderzoek te gaan. De kalende echtgenoot keek naar de ronde vormen van Leger en zegt: ik begrijp er niets van, zou Leger dit echt mooi vinden of schildert hij dit omdat het zo hoorde? Met de pennende student sta ik voor het witte schilderijtje van Kazimir Malevich. Ik zeg: ‘You can only think about something, if you think of something else.’ Hij knikt: He’s painting two stripes and we think it is a cross! De vrouw met het zeemansjasje vraagt na een tijdje: ‘You think this tablecloath is a landscape?’ Ook bij een pas binnengekomen meisje blijf ik wat langer staan. Tenslotte hakkelt ze enkele woordjes in een onverstaanbare taal. Maar voor zij die wel engels begrijpen en zin hebben om met me mee te denken, ga ik nog een stapje verder.

Want het project is voor mij meer dan een performance, meer dan doorbreken van de zwijgende routine onder museumgenoten. Het gaat ook over verder denken, over meerwaarde. Wat doet kunst met de buitenwereld, wat is het verband tussen oude en moderne kunst en de hedendaagse soms wat conceptuelere kunst. Wat doet het werk met de bezoeker, welk spel speelt elk, hoe bezeten is iemand, verandert het iets. En met deze tien korte zinnetjes worden, voor wie meedenkt, de grijze hersencellen aan het werk gezet. Kunstwerken roepen vele vragen op, maar vandaag zeg ik ze hardop. Kan je zomaar naar een werk kijken? Heb je er wel eens aan gedacht dat alles wat je ziet pas betekenis krijgt doordat je een vergelijkingsbasis hebt. Dit landschap is pas een landschap als het vergelijkbaar is met een ander landschap, een landschap dat je eerder zag. Maar wanneer was dan de eerste keer dat je dat landschap zag? Kan je een landschap als zodanig herkennen als je er nooit eerder een zag? Of dit schilderij is waardevol omdat het met de gewoontes brak. Hoe kan je ergens aan denken, zonder niet aan al het andere te denken? En wat doet deze performance tussen de vaste collectie, hoe verbind je oud met nieuw, hoe staan ze t.o.v. elkaar. ‘I see a landscape’ is een werk van Germaine Kruip dat zijn sporen na laat. Tussen juni en oktober kregen de vragen een gezicht waarna ze in het landschap verdwijnen om in andere vormen terug te keren. Zoals de draaiende spiegels die schijnbaar het visueel geheugen verfrissen. En ik vraag me af of ik een landschap zie, of een herinnering.

 

 

pijltje links terug  pijltje naar boven  ga verder I see a landscape