Creatief met vlees en bloed
Door: Marijn van der Jagt
De goddelijke scheppers van de cosmetische industrie kneden het menselijke vlees steeds voortvarender. "Er wordt verandering gepropageerd, maar in feite worden we vastgepind op gestolde beelden van schoonheid en eeuwige jeugd."
"Ik zie mezelf als een gespierde, atletische jongeman van ongeveer drieëntwintig," zegt acteur Marcel Musters in zijn nieuwe voorstelling. Maar wie naar FOOD COMA komt kijken, ziet op het podium geen atletische jongen, maar een man van middelbare leeftijd met een baard en een omvangrijke buik. Hij geeft het toe, hoor. Als hij in een hotelkamer tegen een spiegel aanloopt, ziet hij heus de forse gestalte wel. Maar "ik kijk in de spiegel alsof ik iemand anders ben. Ik ben een atletische jongen die naar zichzelf kijkt als een vierenveertigjarige dikke man."
Het zou de opmaat kunnen zijn voor een van de vele 'transformatieprogramma's' waarin mensen zich onder handen laten nemen door chirurgen, orthodontisten en andere lichaamskunstenaars. Tot voor kort waren dat allemaal van die gekke Amerikanen, maar sinds de Net 5-serie Make me beautiful weten we dat Nederlanders net zo onverschrokken aan hun lichaam laten sleutelen. Een makeover noemen ze het in Amerika. We kennen het principe uit de vrouwenbladen: een grijzig vrouwtje verdwijnt aan het begin van het programma in de coulissen, om aan het eind met een nieuwe look weer te voorschijn te komen. Dat gebeurt ook in programma's als Make Me Beautiful, Maak me mooi en Extreme makeover. Alleen bestaat de aanpassing niet meer uit een vlot mantelpakje, andere make-up, en een revolutionair kapsel. Dat wordt gebruikt om de transformatie áf te maken. Die bestaat namelijk uit nieuwe borsten, een andere kin, een ooglidcorrectie, gehalveerde bovenbenen en zo hier en daar nog wat liposculptuur.
De televisie lijkt er niet genoeg van te krijgen. Het leed dat facelift heet (SBS6), Dokument: De tijd op je hielen (Nederland 1), Shock-doc: plastische chirurgie (Yorin) of de nieuwe dramaserie Nip/Tuck op Net 5 -de toon van de programma's verschilt, maar ze gebruiken dezelfde iconografie. Een meisje van zestig dat aan de losse huid onder haar kin trekt, met de uitleg "dit wil ik dus weg". Een hand met een stift die stippellijnen trekt op een blubberbuik. Een glimmend mesje dat een insnede maakt in het vlees onder een vrouwenborst. Nog even en tv-kijkers associëren bloed, verband en operaties niet meer met oorlogen en auto-ongelukken, maar met de hoopvolle opknapbeurt van een uitgezakt lijf.
Het smakelijkst zijn de programma's waarin een ontevreden, onzeker persoontje stap voor stap wordt opgeknapt. Het is een sprookje, met de transformatieklant in de rol van Assepoester en de cosmetisch chirurg in de rol van goede fee. "De meeste tandtechnici maken tanden," stelt een Marco Bakker-achtige witjas die een morsige, zware roker zojuist een Amerikaans parelgebit heeft aangemeten. "We create smiles."
"Het lelijke eendje is een zwaan geworden," bast de commentaarstem in de theatrale finale als het voorheen zo muizige vrouwtje stralend haar geminimaliseerde neus en gemaximaliseerde boezem komt showen. Familie en vrienden juichen en klappen. Het dochtertje van de vrouw, dat vóór de operatie nog treurde omdat haar moeder vanwege haar lelijke neus nooit mee kon op schoolreisjes, valt haar mamma snikkend van geluk om de hals. "Ze is helemaal van mij," roept de bezwete echtgenoot met een ongelovige blik op zijn gerenoveerde vrouw. En ze leefden nog lang en gelukkig, denkt de kijker geroerd. (Al was enige liposculptuur voor de te dikke echtgenoot wel zo gepast geweest.)
Intrigerend aan deze programma's is de subjectiviteit van het begrip lelijkheid. In de oude kindersprookjes heeft een lelijke hoofdpersoon uiterlijke bijzonderheden die hem of haar onmenselijk maken. Een vissenstaart, een kikkergezicht, een paddestoelenneus of het postuur van een kleinduimpje. Maar de mensen die zich op tv laten transformeren beschikken niet over zulke extremiteiten. Goed, bij het meisje met de enorme gespleten lippen had de schepper een bizarre constructiefout gemaakt, die chirurgisch kon worden hersteld. Maar er zijn transformatiekandidaten die simpelweg last hebben van een zelfbeeld dat niet overeenkomt met wat zij zien in de spiegel.
"Binnen in mij zit een rockster," zegt een jongen van midden twintig die er prima mee door kan. Deze Pete vindt dat hij een Dracula-gebit heeft en een slappe, wijkende kin. De kijker moet flink zijn best doen om de fysieke horror die Pete zo gekweld beschrijft, in zijn doodnormale verschijning terug te vinden. Met een kledingadvies, een hippere baardlijn en een beugeltje zou de jongen een eind geholpen zijn. De eigenaar van een lichaam de laatste is die er een goed zicht op heeft. Toch is er geen chirurg die de lezing van Pete tegenspreekt. Hij is dan ook niet geselecteerd om zijn uiterlijk, maar om de overtuigingskracht waarmee hij zijn gespletenheid schetst. Van buiten is hij een doodnormale jongen, van binnen een onweerstaanbare rockster. Een nobeler taak dan het 'helen' van deze mens kan een arts zich niet bedenken. "Looks like you?" vraagt de cosmetisch chirug als het verband eraf mag. De operatie is geslaagd. De echte Pete is uit de schulp van zijn lichaam te voorschijn gekomen.
Bij transseksuelen zijn we zo langzamerhand gewend dat hun zelfbeeld zo sterk kan verschillen van hun daadwerkelijke uiterlijk. Maar het tijdperk van de cosmetische chirurgie laat zien dat het menselijke zelfbeeld uit veel meer bestaat dan gender. De menselijke geest blijkt geen contourloos wolkje te zijn te zijn, maar -helemaal in de lijn van Plato- een gespecificeerd idee van een lichaam met zich mee te dragen. Een idee dat is opgebouwd uit ontastbaar materiaal als herinneringen, dromen, weerspiegelingen en ervaringen, maar dat wel degelijk ledematen heeft en proporties. De perfecte ideaalbeelden waar de massemedia in grossieren, zijn ongetwijfeld van invloed op dat lichaamsidee - feit is dat niet veel blonde stoten zich via een makeover in een dikke trol laten veranderen. Maar er zijn ook mensen die absoluut een gezonde arm of been willen laten amputeren omdat hun lichaam in complete staat niet overeenkomt met hun innerlijke lichaamsbeeld.
"Ik denk nooit aan mijn eigen lichaam, als ik aan mezelf denk," zegt Marcel Musters in FOOD COMA. Voor iemand als Midas Dekkers, die vindt dat onze huidige cultuur veel te veel nadruk legt op het lichaam, zou dat geen vreemde uitspraak zijn. Maar een acteur communiceert met zijn hele lichaam, en dat geldt zeker voor een acteur van Mugmetdegoudentand, een groep die eigen ervaringen van de spelers als inspiratiebron gebruikt voor theaterstukken en tv-series. Bij Nu(e), het vorige project van Mugmetdegoudentand, lagen er in het Amsterdamse Frascati gigantische naaktfoto's van de Mug-leden op de theatervloer, gemaakt door Inez van Lamsweerde en Vinoodh Matadin. De foto van Marcel Musters toont een enorme barbapappa van vlees waar een klein bebaard hoofdje bovenuit steekt.
Het wrede van personen in openbare functies is dat ze publiekelijk oud worden. Dat oude foto's uit een strakker, magerder bestaan vrijelijk in de massamedia circuleren. Dat hun leven wordt vastgelegd en samengevat in een chornologie van beelden die voorhanden zijn in foto-archieven en in de hoofden van het publiek. De eerste keer dat ik Marcel Musters op het toneel zag, staat in mijn geheugen gegrift. Een ranke jongen was hij in Grimm (1991) van Koos Terpstra, met een smal gezicht onder zijn bos krulhaar. Misschien ziet Musters er voor zijn gevoel ongeveer zo uit. Dan zit de 'ideale' Marcel Musters dus verstopt in de omvangrijke man die hij in de tussentijd is geworden, zoals make over-Pete zich voorstelt dat er een filmster in zijn lichaam zat verstopt. "Van binnen ben ik vrolijk", zei het meisje van zestig vorige week in de Dokument-serie De tijd op je hielen. Er moest plastische chirurgie aan te pas komen om dat vrolijke innerlijk in de trekken van haar lichaam te beitelen.
Dezelfde massamedia die de innerlijke mens voeden met het ideaalbeeld van een perfect lichaam, creëren ook het moderne sprookje dat de mens met chirurgische hulp fysiek kán samenvallen met zijn/haar innerlijke beeld.
Hanneke Groenteman beschrijft in haar boek Doorzakken bij Jamin, het schaamteloze relaas van de strijd die ze voert tegen haar te dikke lichaam, een onthutsende confrontatie met haar ideaalbeeld. Het gebeurde toen de computerkunstenaar Mischa Klein te gast was in haar tv-programma De Plantage. Klein demonstreerde zijn 'morph'-techniek door de gezichten van twee mensen in elkaar te laten overvloeien. Groenteman werd digitaal gekruist met Kleins vriendin: het fotomodel Afke. "Hij nam een beeld van mij, een van haar en mixte ons, zodat je even later een wezen zag dat ons beider trekken had. Mijn haar, haar mond, mijn ogen, haar hals en voila, een prachtige slanke vrouw." Groenteman zag op het beeldscherm precies wie ze haar hele leven al had willen zijn. "Het kwam dichterbij dan de dromen over Audrey Hepburn, de fantasieën als ik weer eens in een dieet verwikkeld was. Het wás er echt, het droombeeld."
Films als 'Being John Malkovitch' en de 'Matrix'-serie schetsen een wereld waarin het mogelijk is om ons aardse lichaam te verlaten en een ander lichaam te bewonen. Bij 'The Matrix' is dat een geidealiseerde versie van je eigen lichaam, dat bevrijd is van alle minpunten en pijntjes en met een beetje training over waanzinnige krachten beschikt. In 'Being John Malkovitch' schets regisseur Spike Jonze de mogelijkheid om in het lichaam van een andere persoon te kruipen, als een onzichtbare spion, en met een beetje training als de bespeler van die ander. Het aardse lichaam blijft daarbij achter als een onbezield omhulsel, alleen nodig als pied-à -terre, als contactpunt met de fysieke werkelijkheid.
In zijn geweldige korte verhaal 'The Body' (2002) gaat de Britse schrijver Hanif Kureishi nog een stap verder. Hij beschrijft hoe een schrijver van over de zestig, innerlijk gerijpt maar uiterlijk in verval, het aanbod krijgt om zichzelf een nieuw lichaam aan te meten. Dit blijkt al een tijdje mogelijk: een duistere praktijk waar alleen de jetset van de wereld het geld en de contacten voor heeft. De operatie is even lastig, maar dan heb je ook wat. Een strak, energiek jong lichaam naar keuze, dat geprepareerd en wel ligt uitgestald tussen een keur van vroeggestorven schoonheden. De lichamen van de getransplanteerden worden weggegooid, of in het geval van Kureishi's hoofdpersoon, in de koeling bewaard voor het geval dat de eigenaar nog terug wil. Het lichaam als inwisselbare bodybag, waar de geest zich probleemloos in kan ritsen.
Bij mijn weten is het nog niet zover. Vooralsnog moeten chirurgen met stiften en messen in de weer om de zak van ons lichaam naar onze innerlijke droombeelden te modelleren. De goddelijke scheppers van de cosmetische industrie kneden het menselijke vlees steeds voortvarender, alsof het niet om vlees en botten gaat, maar om klei. Alsof er nooit kennis is vergaard over de energiebanen en meridianen die het hele lichaam doorkruisen. Alsof het lichaam geen opslagplaats is voor herinneringen, geen weerslag van een persoonlijke geschiedenis. "Ik verbrijzel nu stukjes neusbeen," sprak een bevlogen witjas vorige week in Extreme makeover, terwijl hij fanatiek met een ijzeren stampertje in de weer was terwijl een Assepoester onder narcose op hem lag te wachten. "Die stukjes ga ik straks naast het tussenschot leggen om de neus een beetje volume te geven."
De dramaserie Nip/Tuck die momenteel op Net 5 wordt uitgezonden, laat zien hoe grof er momenteel op de tempel van ons lichaam wordt in gehakt. Veel scherper dan kritische documentaires over de gevaren van plastische chirurgie laat deze geestige, bizarre serie zien in wat voor een bizarre tijd we eigenlijk leven. Aan het bureau van de twee knappe, gewetenloze chirurgen kloppen wekelijks nieuwe cliënten aan voor de meest extreme transformaties.
De makeover-kandidaten in Nip/Tuck hebben géén overtuigende motivatie voor hun verlangen naar een nieuw uiterlijk. Ze zijn weer eens toe aan verandering, moeten over twee weken naar een schoolbal, zijn voortvluchtig omdat ze hun buurmeisje hebben aangerand of zijn verliefd op hun chirurg. Een tweeling die aan het begin van een aflevering verzucht dat het van levensbelang is dat ze onderling van uiterlijk gaan verschillen, wil aan het eind van de aflevering de operaties ongedaan maken omdat de een wel sjans had van de mannelijke verpleger en de ander niet. "Voor mij is het mooiste moment niet als het verband eraf gaat," verzucht de beste klant van chirurg Sean als ze haar zoveelste operatie met hem doorneemt. "Het is het moment dat ik daar lig, en jij mijn hand vasthoudt als ik onder zeil ga, en ik jou nog net hoor zeggen dat alles goed komt."
Het leukste onderdeel van Nip/Tuck zijn de operaties die de twee hoofdpersonen om beurten of gezamenlijk uitvoeren. Het geruk en getrek aan een lichaam, dat in de Maak me mooi-programma's decent tot een minimum is beperkt, is in de dramaserie uitvergroot. Er wordt in vetlagen gegraaid, met siliconenvullingen gerommeld, er wordt geknipt en genaaid, gevouwen en geniet alsof de operatiekamer een knutselclub is. Het mensenvlees dat hier bewerkt wordt is steevast een tikje te bleek en te rubberachtig. Alsof er in dit basismateriaal geen leven meer zit. En ineens komt het je wel heel vreemd en paradoxaal voor, dat een mens zijn lichaam tot levenloos knip- en plakmateriaal reduceert in een poging om zich er beter in thuis te gaan voelen.
De voorstelling die acteur Marcel Musters maakt samen met Ton Kas gaat over een andere manier om het gedroomde en het fysieke lichaam te laten samenvallen. Musters probeert in FOOD COMA niet te ontsnappen aan zijn uitgedijde lichaam. Hij probeert er juist in af te dalen. Om zijn kolossale, wezensvreemde buik te bezielen met zijn levenslustige, wendbare persoonlijkheid, zijn torso in zijn volle omvang te bewonen, zoomt hij al pratend in op zijn eetgedrag. En niet op een problematische, Oprah Winfrey-manier waarin afvallen en bewegen centraal staan. Musters gaat veel verder. Hij beschrijft hoe het meest uiteenlopende voedsel zijn lichaam binnenkomt, hoe organische processen het voedsel omzetten in lichaamseigen materiaal, hoe zuren en bacteriën een strijd leveren waar een gemiddelde eter geen weet van wil hebben.
In de tekst van de voorstelling, die ontwikkeld is door een creatieve team van het tijdschrift RE in samenspraak met Marcel en met diverse voedselspecialisten, verschijnt het menselijk lichaam als een levend laboratorium. Een avontuurlijk testterrein, waar de geest al etend een oneindig spectrum aan ideeën op kan uitleven. De (fictieve, uitvergrote) Marcel aan wie de laatste aflevering van RE is gewijd, mixt diëten door elkaar zodat de ene hap gezond is, en de volgende puur gif. Hij slikt Parijse aardappeltjes ongekauwd in om te voelen hoe ze naar beneden glippen en fantaseert over grotere dingen om in te slikken: "Een appel, een courgette of mijn mobiele telefoon." Aankomen en afvallen is voor deze Marcel onderdeel van dezelfde zoektocht. "Het gaat mij om de veranderingen in mijn lichaam. Ik houd niet van stilstand."
Wat Marcel doet, is het omgekeerde van een cosmetische operatie. In plaats van zijn logge lichaam aan te passen aan de immateriële droombeelden van zijn geest, probeert deze man zijn lichaam net zo beweeglijk te maken als zijn inventieve geest. Hij reist door het materiaal van zijn echte, vierenveertigjarige lichaam, en laat zien dat dit meer leeft dan het 23-jarige ideaalbeeld dat zich heeft vastgezet in zijn bewustzijn. Wie de tekst leest in RE, beseft dat de cosmetische industrie gebaseerd is op starheid. Er wordt verandering gepropageerd, maar in feite worden we vastgepind op gestolde beelden van schoonheid en eeuwige jeugd. Dat zie je terug op al die strakgetrokken koppen en die monden die niet meer kunnen lachen. Wie te fanatiek aan het natuurlijke verval probeert te ontsnappen, vangt zijn lichaam vroegtijdig in de verstarring van de dood.
'Nip/Tuck' is op woensdagavond om 20.30 uur zien op NET 5. De voorstelling 'FOOD COMA' van Marcel Musters en Ton Kas bij mugmetdegoudentand gaat op donderdag 29 januari in premiëre in De Toneelschuur in Haarlem (023-5173910). Tournee door heel Nerderland t/m 10 april. 'RE' nr. 11 is nu in de winkel te koop en wordt uitgereikt aan de bezoekers van FOOD COMA.
|